Willekeurig artikel Alle artikelen A–Z
2 talen

Billy Eckstine

Uit HitStory, de popencyclopedie van School of Rock · Artiest

Billy Eckstine was een Amerikaanse jazz- en popzanger en bandleider uit de swing- en bebopjaren. Hij werd op 8 juli 1914 in Pittsburgh geboren en groeide deels op in Washington, D.C. In 1933 verliet hij de Howard University om muzikant te worden, nadat hij een amateurwedstrijd in het Howard Theatre had gewonnen met een imitatie van Cab Calloway. In 1939 sloot hij zich in Chicago aan bij het orkest van Earl Hines, waar hij tot 1943 zanger en trompettist was en jukebox-hits had als Stormy Monday Blues en zijn eigen Jelly, Jelly.

Muziek en doorbraak

In 1944 richtte hij zijn eigen bigband op. Die groep gold als de eerste bebopbigband en werd een leerschool voor jonge musici die de toekomst van de jazz bepaalden: Charlie Parker, Dizzy Gillespie, Dexter Gordon, Miles Davis, Art Blakey, Fats Navarro en Sarah Vaughan. Dizzy Gillespie schreef later dat geen enkele band klonk als die van Eckstine. Het orkest haalde de hitlijsten met A Cottage for Sale en Prisoner of Love. In 1947 ging Eckstine solo, met weelderige orkestraties. Zijn opname van I Apologize uit 1951 kreeg in 1999 een plaats in de Grammy Hall of Fame, en in 2019 kreeg hij postuum een Grammy Lifetime Achievement Award.

Invloed

Eckstine had een rijke, bijna operatische bas-bariton. The New York Times schreef dat zijn volle, zoete manier van zingen zangers als Johnny Hartman, Joe Williams en Lou Rawls inspireerde. Hij hoort bij de zangers die jazz en popmuziek verbonden, en zijn orkest bracht de bebop naar een groot publiek.

Luisteren

Luistertip. Luister naar I Apologize uit 1951 en let op zijn stem, die diep en vol klinkt. Probeer te horen hoe hij lange tonen laat uitzingen, als een operazanger, zonder dat het lied zwaar wordt.

Discografie

Studioalbums

In School of Rock

Zie ook

Categorieën: Artiesten