2 talen
Tricky Sam Nanton
Uit HitStory, de popencyclopedie van School of Rock · Artiest
Tricky Sam Nanton · Joe Nanton, bekend als Tricky Sam, was een Amerikaanse trombonist in het orkest van Duke Ellington. Hij werd in 1904 geboren in New York als zoon van immigranten uit Brits West-Indië en speelde eerst in Washington, D.C., onder meer bij de bands van Cliff Jackson en Elmer Snowden. In 1926 nam hij met tegenzin de plaats in van zijn vriend Charlie Irvis bij Ellington, en bleef daar tot zijn vroege dood in 1946. Samen met Lawrence Brown vormde hij de ruggengraat van de trombonesectie.
Muziek en doorbraak
Nanton was een pionier van de plunger, de rubberen dempers die je voor de beker van de hoorn houdt. In 1921 hoorde hij Johnny Dunn dat op de trompet doen en besefte hij dat het ook op trombone kon. Samen met trompettist Bubber Miley schiep hij het typische wah-wah-geluid. Hun grommende, bijna sprekende klanken vormden de kern van het vroege jungle-geluid van de band, dat in de late jaren twintig in de Cotton Club in Harlem ontstond. Nanton gebruikte een rechte trompetdemper in de beker, een grote plunger daarbuiten en vormde ondertussen met zijn mond klinkers, zodat de trombone leek te praten. De details hield hij geheim tot zijn dood. Zijn bijnaam kreeg hij van altsaxofonist Otto Hardwick.
Invloed
Nanton is te horen op onder meer East St. Louis Toodle-oo, Black and Tan Fantasy en The Mooche. Na Mileys vertrek in 1929 leerde hij Cootie Williams de grommende technieken. Veel koperblazers uit het swingtijdperk namen zijn klank over. Hij overleed in 1946 aan een beroerte tijdens een tournee.
