Willekeurig artikel Alle artikelen A–Z
2 talen

Billy Squier

Uit HitStory, de popencyclopedie van School of Rock · Artiest

Billy Squier werd in 1950 geboren in Wellesley, Massachusetts. Als kind kreeg hij pianoles, maar een tweedehands gitaar van een klasgenoot bracht hem bij de rock. Op zijn veertiende had hij zijn eerste bandje. In 1968 zag hij in een Bostonse club Eric Clapton met Cream spelen, en vanaf toen nam hij muziek serieus. Halverwege de jaren zeventig was hij zanger en schrijver van de band Piper, die in het voorprogramma van Kiss speelde.

Muziek en doorbraak

In 1980 verscheen zijn eerste soloalbum, The Tale of the Tape. Daarop stond The Big Beat, dat toen geen hit werd. Zijn doorbraak kwam met Don't Say No (1981), geproduceerd door Reinhold Mack, die ook met Queen werkte. Hits als The Stroke, In the Dark en My Kinda Lover, en de radiofavoriet Lonely Is the Night, maakten van hem een ster van de arenarock: stevige gitaarriffs, krachtige drums en refreinen om mee te zingen. Ook Emotions in Motion (1982) en Signs of Life (1984) werden succesvol. Daarna liep zijn populariteit snel terug, volgens velen door een ongelukkige videoclip.

Invloed

Zijn blijvende invloed kwam uit onverwachte hoek. Het drumbreak aan het begin van The Big Beat werd een van de meest gesamplede drumpartijen ooit. Run-DMC, Jay-Z, Alicia Keys en Dizzee Rascal gebruikten het. Zo leeft het werk van een witte rockzanger uit de jaren tachtig voort in de hiphop.

Luisteren

Luistertip. Luister naar het begin van The Big Beat. Let op de zware, galmende drums die een paar maten lang alleen spelen. Probeer daarna in Girl on Fire van Alicia Keys hetzelfde ritme terug te horen.

Discografie

Studioalbums

In School of Rock

Zie ook

Categorieën: Artiesten